Samen spelen lijkt soms vanzelf te gaan. Je zet een paar kinderen bij elkaar neer en verwacht dat ze gezellig met elkaar gaan spelen. Toch werkt het in de praktijk vaak anders. Het ene moment bouwen kinderen samen een prachtige toren of spelen ze urenlang fantasiespel, en het volgende moment ontstaat er ruzie over speelgoed, regels of wie de leiding heeft. Voor veel ouders is dat herkenbaar. Toch is samen spelen ontzettend belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Juist tijdens het spelen leren kinderen vaardigheden die ze hun hele leven gebruiken, zoals samenwerken, communiceren, rekening houden met anderen en omgaan met emoties.
Samen spelen is iets wat kinderen stap voor stap leren. Het is geen vaardigheid die automatisch ontstaat. Sommige kinderen vinden het van nature makkelijker om contact te maken, terwijl andere kinderen meer tijd, begeleiding en veiligheid nodig hebben. Gelukkig zijn er veel manieren waarop je als ouder samen spelen op een positieve manier kunt stimuleren, zonder dat je alles hoeft te sturen of op te lossen.
Waarom is samen spelen zo belangrijk?
Wanneer kinderen samen spelen, gebeurt er veel meer dan alleen “gezellig bezig zijn”. Tijdens het spelen oefenen kinderen voortdurend sociale vaardigheden. Ze leren wachten op hun beurt, luisteren naar ideeën van anderen, problemen oplossen en omgaan met teleurstellingen. Dat zijn vaardigheden die later op school, in vriendschappen en uiteindelijk ook op het werk belangrijk blijven.
Daarnaast helpt samen spelen kinderen om zichzelf beter te begrijpen. In contact met andere kinderen ontdekken ze wat ze leuk vinden, waar hun grenzen liggen en hoe ze met emoties kunnen omgaan. Een kind dat boos wordt omdat een ander iets afpakt, leert langzaam woorden geven aan gevoelens. Een kind dat merkt dat een ander verdrietig wordt, ontwikkelt empathie. Spel is dus eigenlijk een veilige oefenplek voor het echte leven.
Voor jonge kinderen is samen spelen vaak nog best lastig. Peuters spelen regelmatig naast elkaar in plaats van echt mét elkaar. Dat is heel normaal en wordt parallel spelen genoemd. Kinderen zijn dan wel met elkaar in dezelfde ruimte bezig, maar spelen eigenlijk ieder hun eigen spel. Dat kan juist een fijne manier zijn om langzaam aan elkaar te wennen en te ontdekken wat de ander doet. Ik schreef eerder al over parallel spelen bij kinderen die niet willen delen, omdat samen spelen en samen delen voor jonge kinderen nog best een uitdaging kunnen zijn.
Naarmate kinderen ouder worden, ontstaat er steeds meer interactie en samenwerking. Het helpt wanneer volwassenen begrijpen dat samen spelen tijd en oefening nodig heeft.
Zorg voor een rustige en uitnodigende speelomgeving
Een rustige speelomgeving maakt samen spelen vaak makkelijker. Wanneer er teveel speelgoed ligt, raken kinderen sneller overprikkeld of ontstaat er strijd over spullen. Minder speelgoed tegelijk aanbieden zorgt vaak voor meer creativiteit en rust. Open speelgoed werkt hierbij meestal beter dan speelgoed met vaste regels of één specifieke functie.
Denk bijvoorbeeld aan:
- blokken
- verkleedkleren
- auto’s
- poppen
- duplo
- treinbanen
- keukentjes
- knutselmateriaal
Dit soort speelgoed nodigt uit tot samenwerking en fantasie. Kinderen kunnen er samen iets mee bedenken en hebben ruimte om hun eigen ideeën toe te voegen.
Ook de inrichting van de ruimte maakt verschil. Een gezellige speelhoek, een kleed op de grond of een plek waar kinderen rustig kunnen bouwen helpt vaak meer dan een drukke ruimte vol prikkels. Wanneer kinderen zich veilig en ontspannen voelen, ontstaat er meer ruimte voor contact.
Verwacht niet meteen perfect samen spel
Veel ouders hopen dat kinderen meteen lief delen, netjes overleggen en zonder conflicten samen spelen. Maar ruzietjes horen juist bij het leerproces. Kinderen moeten nog ontdekken hoe sociale situaties werken. Ze kunnen impulsief reageren, moeite hebben met delen of gefrustreerd raken wanneer iets niet gaat zoals ze willen.
Dat betekent niet dat het samen spelen mislukt is. Juist tijdens kleine conflicten leren kinderen belangrijke vaardigheden. Wanneer een kind bijvoorbeeld boos wordt omdat een ander een speelgoedauto pakt, leert het stap voor stap om gevoelens te uiten en oplossingen te zoeken.
Als ouder hoef je niet direct elk probleem op te lossen. Vaak helpt het meer om rustig te begeleiden in plaats van meteen in te grijpen. Je kunt kinderen helpen door woorden te geven aan wat er gebeurt:
- “Jullie willen allebei met dezelfde trein spelen.”
- “Ik zie dat je boos wordt omdat de toren omviel.”
- “Hoe kunnen jullie dit samen oplossen?”
Door kinderen zelf mee te laten denken, leren ze sociale vaardigheden veel beter dan wanneer volwassenen steeds alles bepalen.
Geef kinderen tijd om aan elkaar te wennen
Niet ieder kind stapt direct enthousiast op andere kinderen af. Sommige kinderen kijken eerst liever de kat uit de boom. Dat is helemaal normaal. Vooral gevoelige of rustige kinderen hebben soms meer tijd nodig om zich veilig genoeg te voelen om mee te spelen.
Forceer daarom geen contact. Zinnen zoals “Ga eens gezellig samen spelen” werken vaak averechts wanneer een kind zich nog onzeker voelt. Het helpt meer om de situatie klein en veilig te houden. Samen iets doen zonder grote verwachtingen werkt vaak beter.
Bijvoorbeeld:
- samen koekjes bakken
- een toren bouwen
- kleuren aan dezelfde tafel
- samen een bal overrollen
- een eenvoudige speurtocht doen
Vaak ontstaat het contact vanzelf wanneer kinderen ontspannen zijn en plezier ervaren zonder druk.
Samen spelen begint vaak met samen doen
Vooral jonge kinderen hebben soms nog begeleiding nodig om in spel te komen. Wanneer volwassenen even meespelen, ontstaat er vaak makkelijker interactie tussen kinderen. Je hoeft het spel niet over te nemen, maar kunt wel helpen om verbinding te maken.
Bijvoorbeeld:
- “Zullen we samen een huis bouwen?”
- “Misschien kan de ene dokter zijn en de andere patiënt.”
- “Wie maakt de hoogste toren?”
Wanneer het spel eenmaal loopt, kun je jezelf langzaam terugtrekken. Kinderen krijgen dan de ruimte om zelf verder te spelen en oplossingen te bedenken.
Leer kinderen omgaan met conflicten
Conflicten horen bij samen spelen. Sterker nog: zonder conflicten leren kinderen weinig over sociale interacties. Het doel is dus niet om ruzie volledig te voorkomen, maar om kinderen te helpen er beter mee om te gaan.
En dan heb je natuurlijk nog dat eeuwige onderwerp: delen. Want zodra er twee kinderen en één gewilde speelgoedauto zijn, kan de sfeer ineens behoorlijk omslaan. Wie had hem eerst? Wie mag er nu? En waarom mag die ander überhaupt met dat ding spelen? Ook hier geldt dat kinderen dit nog moeten leren. In deze column Samen delen kun je lezen hoe dat in de praktijk gaat.
Veel kinderen hebben hulp nodig bij:
- gevoelens benoemen
- luisteren naar elkaar
- wachten op hun beurt
- compromissen sluiten
Probeer conflicten niet direct op te lossen met straf of schuld. In plaats daarvan helpt het om nieuwsgierig te kijken naar wat er gebeurt. Vaak zit er onder boos gedrag een behoefte of emotie.
Bijvoorbeeld:
- “Jij wilde ook graag meedoen.”
- “Je vond het niet eerlijk.”
- “Je schrok toen hij je bouwwerk kapot maakte.”
Wanneer kinderen zich begrepen voelen, worden emoties vaak al kleiner. Daarna ontstaat er meer ruimte om samen naar een oplossing te zoeken.
Vergelijk kinderen niet met elkaar
Ieder kind ontwikkelt sociale vaardigheden op zijn eigen tempo. Sommige kinderen zijn heel sociaal en stappen makkelijk op anderen af. Andere kinderen spelen liever alleen of hebben een kleine kring waarin ze zich prettig voelen.
Vergelijkingen zoals:
- “Kijk eens hoe gezellig je broer speelt.”
- “Andere kinderen kunnen dit wel.”
kunnen onzekerheid geven en helpen meestal niet.
Het is belangrijk om het temperament van een kind te respecteren. Een rustig of introvert kind hoeft niet voortdurend met anderen bezig te zijn. Ook alleen spelen is waardevol en leerzaam. Het gaat uiteindelijk om balans.
Buiten spelen stimuleert vaak vanzelf samenwerking
Buiten ontstaan vaak spontaan mooie speelmomenten. Er is meer ruimte, minder spanning en kinderen kunnen hun energie kwijt. Vooral open spel in de natuur nodigt uit tot samenwerken en fantasie.
Denk aan:
- hutten bouwen
- modderkeukens maken
- verstoppertje
- waterbanen bouwen
- stoepkrijtspelletjes
- speurtochten
Buiten spelen geeft vaak minder strijd dan binnen spelen, omdat kinderen meer bewegingsvrijheid hebben en minder snel op elkaar “botsen”.
Wat als een kind liever alleen speelt?
Sommige ouders maken zich zorgen wanneer hun kind vaak alleen speelt. Maar alleen spelen is niet verkeerd. Sterker nog: kinderen leren daar ook veel van. Ze ontwikkelen creativiteit, concentratie en zelfstandigheid.
Pas wanneer een kind structureel contact vermijdt, ongelukkig lijkt of moeite heeft met sociale situaties, kan het goed zijn om extra ondersteuning te bieden. Vaak helpt het dan om kleine, rustige speelmomenten te organiseren in plaats van drukke groepen.
Veel kinderen bloeien juist op in één-op-één contact.
Samen spelen draait niet om perfect gedrag
Samen spelen betekent niet dat kinderen altijd lief, rustig en harmonieus met elkaar omgaan. Het betekent juist dat ze mogen oefenen. Oefenen met emoties, communicatie, samenwerken en grenzen aangeven.
Dat proces verloopt met vallen en opstaan. Soms spelen kinderen prachtig samen en vijf minuten later ontstaat er ruzie. Dat hoort erbij. Juist daarin ontwikkelen kinderen belangrijke sociale vaardigheden.
Als ouder hoef je niet voortdurend scheidsrechter te zijn. Vaak helpt het meest wanneer je rust uitstraalt, emoties serieus neemt en kinderen vertrouwen geeft dat ze mogen leren.
Samen spelen is één van de belangrijkste manieren waarop kinderen sociale vaardigheden ontwikkelen. Door een veilige omgeving te bieden, kinderen tijd te geven en rustig te begeleiden, help je hen stap voor stap groeien in contact met anderen.
Niet ieder kind speelt hetzelfde, en niet ieder speelmoment verloopt soepel. Maar juist in het oefenen, ontdekken en soms botsen leren kinderen ontzettend veel.
En misschien is dat wel het mooiste aan samen spelen:
niet dat alles perfect gaat, maar dat kinderen leren hoe ze verbinding kunnen maken met anderen, op hun eigen manier en in hun eigen tempo.
Uitgelichte afbeelding: Shutterstock