“En wat gaan we vandaag eens doen, kleine vriend?”
Ik kijk naar mijn baby. Mijn baby kijkt naar mij. Er gebeurt verder helemaal niets.
“Nou, eerst maar eens een schone luier, hè? Want volgens mij heb jij daar wel behoefte aan.”
Ik til mijn baby op en loop richting de commode. Ondertussen vertel ik uitgebreid wat ik aan het doen ben. Althans, dat is de bedoeling. Want ergens halverwege vraag ik me af of ik niet een beetje gek aan het worden ben.
Ik praat tegen iemand die nog geen woord terug kan zeggen. Iemand die me niet kan vertellen of hij zin heeft in een schone luier, laat staan of hij het met mijn planning voor vandaag eens is.
En toch sta ik hier hele gesprekken te voeren.
Je moet tegen je baby praten
Volgens allerlei adviezen is het hartstikke goed om tegen je baby te praten. Vertel maar wat je aan het doen bent, benoem de dingen die je ziet en zing gerust een liedje tussendoor. Het helpt bij de taalontwikkeling en je baby leert zo langzaam maar zeker woorden en klanken herkennen.
Allemaal hartstikke logisch natuurlijk. Ik wil ook helemaal niet dat mijn kind straks alleen maar naar me kijkt als ik vraag of hij zijn schoenen aan wil trekken.
Maar eerlijk is eerlijk: praten tegen een baby voelt in het begin gewoon een beetje ongemakkelijk.
Vooral als je er bewust mee bezig bent. Dan sta je ineens hardop te vertellen dat je een romper uit de kast pakt. Dat je de mouw van die romper door een armpje gaat steken. Dat je nu het andere armpje gaat doen. En dat je daarna de knoopjes dichtmaakt.
Gefeliciteerd, je hebt zojuist een complete podcastaflevering opgenomen over het aankleden van een baby. Het publiek bestaat uit één persoon, die ondertussen probeert zijn eigen voet op te eten.
En dan moet je ook nog reageren
Het wordt nog ingewikkelder als je hoort dat je niet alleen tegen je baby moet praten, maar ook moet reageren op de geluidjes die hij maakt. Dus wanneer je baby een tevreden “uhh” laat horen, is het de bedoeling dat je daar een soort gesprek van maakt.
“Ja, echt waar? Vertel eens!”
Ik wacht even.
“En wat vond je daarvan?”
Weer stilte.
“Nou, dat snap ik helemaal.”
Op een gegeven moment voel ik me net een presentator die een interview probeert te redden terwijl de gast heeft besloten niets meer te zeggen. Alleen kan ik deze gast niet ontslaan, want hij woont bij mij en ik moet hem ook nog voeden.
Natuurlijk weet ik best dat het geen echt gesprek hoeft te zijn. Je baby hoeft niet te antwoorden met een inhoudelijk sterk verhaal over zijn ochtend. Een blik, een geluidje of een beweging kan al een reactie zijn. Maar toch voelt het soms alsof ik een toneelstukje aan het opvoeren ben.
En dan kijk ik ook nog eens om me heen om te controleren of er niemand meekijkt.
In het openbaar wordt het pas echt leuk
Thuis kan ik er nog mee wegkomen. Daar kent iedereen mijn eigenaardigheden inmiddels wel. Maar probeer maar eens met je baby in de supermarkt te staan en hardop te vertellen wat je allemaal ziet.
“Kijk eens, daar liggen de bananen. Gele bananen! En daar hebben we de appels. Rode appels. Zullen we die eens bekijken?”
Naast me staat een volwassen man die waarschijnlijk gewoon zijn boodschappen wil doen. Ik zie hem denken: wat is deze vrouw aan het doen?
Misschien denkt hij helemaal niets. Misschien is hij zelf vader en heeft hij jarenlang precies hetzelfde gedaan. Maar op dat moment ben ik ervan overtuigd dat iedereen me hoort praten tegen mijn baby alsof ik een rondleiding geef door de groenteafdeling.
En dan moet je natuurlijk ook nog enthousiast blijven. Want als je met een monotone stem vertelt dat je een pak melk pakt, voelt het toch alsof je niet helemaal je best doet.
“En kijk eens wat mama hier heeft gevonden! Een pak melk!”
Ik hoop vooral dat mijn baby later niet alles onthoudt.
Gelukkig hoef je geen cabaretier te zijn
Het goede nieuws is dat praten met je baby helemaal geen aaneenschakeling van enthousiaste monologen hoeft te zijn. Je hoeft niet de hele dag alles te benoemen wat je doet. Je hoeft ook niet bij iedere hik een uitgebreid gesprek te beginnen.
Gewoon samen kijken, reageren op geluidjes, liedjes zingen of vertellen wat je ziet tijdens een wandeling is al prima. En soms zeg je gewoon even helemaal niets. Omdat je moe bent, omdat je koffie koud is geworden of omdat je ook weleens vijf minuten zonder commentaar een boterham wilt eten.
Je baby heeft geen persoonlijke taalcoach nodig die acht uur per dag op topniveau presteert. Je bent gewoon zijn ouder. En dat betekent dat je ook weleens stil mag zijn. Gewoon aandacht voor je baby is soms al genoeg.
Bovendien komt er vanzelf een moment waarop je wenst dat je kind iets minder praat. Zodra de eerste woordjes komen, volgen er namelijk vragen. Heel veel vragen. Waarom is de lucht blauw? Waarom moet ik slapen? Waarom mag ik geen koekje? En waarom heeft die meneer in de supermarkt zo’n grote neus?
Dan denk je waarschijnlijk nog weleens terug aan die heerlijke tijd waarin je baby alleen maar wat geluidjes maakte en je daar rustig op kon reageren met: “Ja, echt waar?”
Dus praat ik gewoon verder
Inmiddels probeer ik het allemaal wat minder ingewikkeld te maken. Ik vertel wat ik doe als dat vanzelf gaat, reageer op de geluidjes die mijn baby maakt en zing af en toe een liedje. En als ik mezelf hoor uitleggen dat we nu toch echt een schone luier nodig hebben, lach ik er maar om.
Want ja, het voelt soms ongemakkelijk om een gesprek te voeren met iemand die nog niet kan praten. Maar als ik eerlijk ben, voer ik ook weleens gesprekken met mezelf wanneer ik iets kwijt ben. En daar kijkt niemand van op.
Dus vooruit, kleine vriend. Mama vertelt je nog even wat we vandaag gaan doen.
En als je straks terugpraat, hoop ik dat je een beetje geduld met me hebt. Want na al die eenzijdige gesprekken ben ik misschien zelf ook een beetje vergeten hoe het werkt.
Uitgelichte afbeelding: Shutterstock