Wat mijn kleintjes niet zeggen

Opvoeden. Opvoeden is herhalen. Herhalen. En herhalen. Oh ja, en het goede voorbeeld geven. En dat dan weer herhalen.

Ik doe mijn best. Echt waar.

Toch hoor ik mijn kleintjes het volgende nooit zeggen.

niet zeggen

– Goedemorgen mama. Oh, ik zie dat je nog slaapt, ik zal nog even lekker in mijn eigen bed gaan liggen en jou nog even lekker verder laten slapen.

– Oh mama, wat een leuke kleding heb je vandaag voor mij klaargelegd. Ik zal het even helemaal zelf aantrekken. Ook mijn sokken.

– Ja natuurlijk vind ik het goed mama, dat vandaag mijn broertje naast jou zit tijdens het ontbijt. Ik zal daar geen drama van maken.

– Ja mama, ik weet wel waar mijn gymtas is, ik zal hem meteen even pakken.

– O, mama is nu even aan het bellen. Ik wacht wel even met het stellen van mijn vraag. Of eigenlijk, laat maar, want ik heb eigenlijk helemaal geen vraag.

– En nu ga ik even de hele middag lekker met mijn speelgoed spelen. Want ik heb zo lekker veel en daar verveel ik me nooit mee!

– Ik ben nu klaar met spelen. Voordat ik wat anders ga doen, ruim ik eerst dit speelgoed even op.

– O, we gaan een uur in de auto, laat ik eerst even plassen.

– Laten we samen besluiten wat we vanmiddag op Netflix gaan kijken. O wacht, wat mijn broertje kijken wil is leuk, dat wil ik ook wel zien.

– Nee, ik hoef geen snoepje of koekje, want dan lust ik straks geen avondeten.

– Wat heb je vandaag gekookt? Yeah, lekkerrrrrrr!!

– Vroeg je nou of ik dat even wilde opruimen? Maar natuurlijk doe ik dat mama. Meteen! Joepie!

– O lief broertje, moet je ook plassen? Ik zal even opschieten, want ik ben bijna klaar, dan mag jij.

– Ik ben inderdaad heel moe, ik ga nu lekker in bed liggen en slapen. De hele nacht. Zonder wakker te worden. In mijn eigen bed.

 

Afbeelding: Shutterstock

Ik ben drie en ik heb de regie! Ik ben zeven en ik pik dat nie!

Broers en zussen. Broers en broers. Zussen en zussen. Het kan zo leuk zijn. Maar ook zo vermoeiend. Zeker voor een zevenjarige ‘oudste’ met een driejarige ‘jongste’.

Als oudste heb je namelijk een aantal eigenschappen waar je in principe weinig tegen kunt doen, je krijgt ze gewoon als cadeau erbij. Zo zijn oudste kinderen vaak de leidertypes en hebben zij standaard de regie in handen. Regie als het op spelen aankomt, wie de afstandsbediening in handen heeft of wie waar zitten mag.

Maar dan is daar opeens je zusje van drie die stevig met haar armpjes in haar zij vertelt dat ze écht niet gaat doen wat jij zegt. Dan sta je toch wel even gek te kijken als zevenjarig opperhoofd. In eerste instantie is het nog schattig en denk je als grote zus nog, laat maar gaan, ze trekt wel weer bij…

Maar kindjes van drie, willen ook de regie. En niet voor even, maar de rest van hun leven.

Zo, ben ik even lekker op mijn rijmelarij toer. 

Kindjes van drie willen hun eigen weg bepalen. Wil jij even snel een boodschapje doen, vergeet het maar. Vind jij dat het tijd is om op te ruimen, begin dat maar ver van tevoren voorzichtig aan te kondigen, want ‘meteen’ en ‘even snel’ komt niet in hun toneelstuk voor. De regie in handen willen hebben gaat zelfs zo ver dat de driejarige bij het rode stoplicht heel hard GROEN gaat roepen.

Een toneelknecht van de grote zus is het laatste wat een driejarige wil zijn. En dan is zo een driejarig zusje helemaal niet zo schattig meer. Als je namelijk tijdens een verjaardag een voorstelling wilt geven, zoals zevenjarige dat doorgaans doen, en je driejarige zusje de regie overneemt, dan is dat natuurlijk bloedirritant.

En met twee regisseurs in de stoel wordt zo een voorstelling al snel een open podium voor een dramatische improvisatie.

Ik ben drie en ik heb de regie?! Ik ben zeven en ik pik dat nie!!

Afbeelding broer en zus: Shutterstock

Soms zijn het de kleine dingen

Soms zijn het de kleine dingen. Kleine kleffe vingertjes, die om op te vreten zijn, in jouw grote hand. Zijn vingertjes die jouw vinger zo stevig vasthouden dat je ring door je huid boort en het er pijn van doet. Zijn handje die jouw hand ongemerkt maar gericht zoekt bij een spannende gebeurtenis.

Soms zijn het de kleine dingen die er toe doen.

Die twee armpjes die je stevig vastpakken en je de liefste knuffel geven, gewoon omdat ze je lief vindt. Die twee armpjes die je de warmste knuffel geven, gewoon omdat ze je heeft gemist.

moeder en kind

Soms zijn het de kleine dingen die er toe doen.

Het lieve toetje met pindakaas op haar wangen, dat je aankijkt met ondeugende, twinkelende ogen, dat je laat smelten en lachen tegelijk. Het bekkie waar woorden en zinnen uitkomen, zo grappig, dat de beste komieken ze niet hadden kunnen verzinnen.

Soms zijn het de kleine dingen die er toe doen.

Ze kunnen het je allemaal wijsmaken, het je allemaal vertellen. Hoe geweldig het is, het mooiste wat je overkomt. Maar soms zijn die kleine donders gewoon zo lastig, dat je ze alleen nog maar terug in de doos wilt stoppen. Ze slurpen alle energie uit je, ze luisteren naar geen enkel woord wat je zegt en niets in het leven gaat meer gemakkelijk of even snel. Soms zijn ze verre weg van ‘het mooiste wat je overkomen is’ en wil je het moederschap stiekem ongedaan maken.

En op die momenten komt er weer zo een klef handje, een stevig knuffeltje of een glimmend pindakaas bekkie. Kleine dingen die het er allemaal toe doen en het ouderschap de moeite waard maken.

Het mooiste wat je overkomt. Het zijn die kleine dingen.

 

Afbeelding: Shutterstock

5 irritante feitjes voor elke (jonge) ouder

Voor je aan kinderen begon hoorde je wel het één en ander over het ouderschap, maar eigenlijk drong dat nooit echt door. Je natuurlijke oerinstinct negeerde al het negatieve en alleen de rozengeur en maneschijn was wat je voor je zag. Maar als dat kleintje er eenmaal is, dan is er geen weg meer terug. Dan zijn daar toch bepaalde dingen die je irriteren. Bijvoorbeeld dat slaapgebrek. Dat is irritant. Of die jaarlijks terugkerende Pieten discussie. Ook behoorlijk irritant. Het zijn welbekende irritante feitjes. Maar er zijn nog meer irritante feitjes die elke ouder leert kennen dankzij het ouderschap…

Feitje 1. De wereld draait door als je kleintje (eindelijk) een middagdutje doet

Waarom, oh waarom komt de pakketbezorger toch altijd op het moment dat je kleintje net (na een hevige strijd) in slaap gevallen is? Het lijkt zelfs wel alsof het volume van de bel twintig keer zo hard staat als hij erop drukt. En waarom hebben de vliegtuigen, altijd op het moment van het middagdutje, opeens een koers, zo laag mogelijk over jouw dak? Om nog maar te zwijgen over alle hulpdiensten die plots een route langs jouw huis lijken te hebben.

Feitje 2. Je krijgt altijd ongevraagde adviezen

Ik weet het, de adviezen zijn allemaal goed bedoeld. Maar dat maakt ze niet minder irritant. Voorbeeldje: ‘Zorg goed voor jezelf! Want hoe kun je voor een kleintje zorgen als je niet goed voor jezelf zorgt?’. Leuk en aardig allemaal, maar maak ondertussen dan maar even het avondeten, doe mijn kleintje maar even in bad, geef het meteen even de borst en zorg dat het in zijn eigen bedje slaapt. Dan zorg ik wel even voor mezelf…

Feitje 3. Je kleintje heeft een eigen mening

Ja ik weet het, dat is een zéér goede eigenschap. Maar niet als jij even snel een boodschap wil doen en je kleintje niet. Of als je je kleintje ’s morgens wil aankleden met je nieuw gekochte leuke jurkje, maar zij liever dat spuuglelijke Hello Kitty shirt aan trekt.

Feitje 4. Het is noodzakelijk om áltijd alert te zijn op plastic speelgoed dat over de vloer slingert

En het maakt niet uit hoe oud ze zijn, er ligt altijd wel ergens een lego blokje, een Barbie schoentje of een ander godvergeten plastic stuk speelgoed dat jouw blote voetzool (midden in de nacht) weet te vinden.

Feitje 5. Er komt een dag dat je wenst dat je je kleintje nooit had leren praten

Is het niet omdat je kleintje aan één stuk door ratelt en geen moment z’n kwebbel meer kan houden, dan is het wel om de meest genante opmerkingen die een kleintje maakt waar andere mensen bij zijn. Bijvoorbeeld als je kleintje op het (openbare) toilet opmerkt dat zijn vader een staart aan de voorkant heeft. Of als je kleintje in de supermarkt opmerkt dat die ene mevrouw een baby krijgt… Not! Of als je met je kleintje in de lift staat en je kleintje zich hardop afvraagt wie die gekke enge meneer is? Of als… Nou ja, er komt een dag dat je wenst dat je je kleintje nooit had leren praten.

Afbeelding jong gezin: Shutterstock

Langer dan een kwartier échte aandacht

echte aandacht kind

Vandaag zal je een bekentenis lezen. Sommige van jullie zullen het misschien niet begrijpen en mij de slechtste moeder aller tijden vinden. Andere van jullie begrijpen meteen wat ik bedoel.

Het is niet dat ik er een hekel aan heb als één van mijn kleintjes dé vraag stelt. Het is gewoon dat ik het niet zo lang volhoud.

Ach, what the heck, ik vind het soms ook echt-niet-leuk! Slééécht…

Ik denk weleens dat mijn kleintjes de concentratieboog van een goudvis hebben, maar als ik even kritisch naar mezelf kijk, is de mijne niet veel beter. Althans, als het op spelen met mijn kleintjes aankomt.

“Mam, wil je met mij spelen?”

Mijn eerste gedachte: ‘Oh God! Pffff Kun je niet even zelf gaan spelen? Nou, laat ik even leuk doen… Als je maar niet dát spelletje kiest’. 

Mijn antwoord: “Tuurlijk lieverd, wat wil je doen?”

Een spelletje Levensweg? Ik trek dat niet. Het duurt veel te lang , het is verschrikkelijk saai en er zit totaal geen uitdaging in. Muizenval, nog zo een spel rechtstreeks uit de hel. De bouwwerken pleuren altijd binnen de kortste keren weer in elkaar en niemand snapt eigenlijk de clou van het spel. Mijn kleintjes zetten constant het muisje onder de val, zonder enkele spelregel te volgen. Na wat pogingen tot uitleg ben ik er dan alweer klaar mee. Want er luistert toch niemand. Memory daarentegen, daar kan ik wel een potje van spelen. Iedereen snapt wat de bedoeling is, ook met kleintjes kan het een ware uitdaging zijn en het is ook weer zo opgeruimd.

Langer dan een kwartier échte volledige aandacht geven. Het lijkt zo simpel…

Met de poppen spelen? Of Playmobil? Of LEGO… Het draait er allemaal op uit dat ik doe wat het kleintje zeg. Als ik wat eigen inbreng aan het verhaal geef, wordt dat meteen afgekeurd. ‘Nee mam, zo gaat het verhaal niet!’. En binnen vijf minuten dwaal ik af en ben ik weer door mijn facebook tijdlijn aan het scrollen. Vadertje en moedertje spelen daarentegen, dat kan ik voor een langere tijd volhouden. Zolang ik de baby spelen mag.

Langer dan een kwartier échte volledige aandacht geven. Ik vind het verrekte lastig.

Voorlezen, ook zo een dingetje. Mijn hemel, wat zijn sommige boeken slaapverwekkend. Ik lig nog eerder te knorren dan de kleintjes. Of als je kleintje zelf gaat leren lezen en het dolgraag elke avond aan jou wil laten horen. Heel knap hoor en trots ben ik ook heus. Maar man man, wat gaat dat langzaam. Ondertussen kan ik gerust een wasje vouwen.

Ik weet dat er een dag komt dat mijn kleintjes niet meer met we wíllen spelen. En ongetwijfeld zal ik me er dan schuldig over voelen dat ik niet langer dan een kwartier échte volledige aandacht geven kon. Dat kan dan op de grote stapel schuldgevoel.

Want hoe erg mijn ego het ook vindt om het toe te geven, het lukt me niet om langer dan een kwartier échte volledige aandacht te geven.


 

Afbeelding: Shutterstock / fizkes

Wat ik zie en wat zij ziet… Twee totaal verschillende dingen

moeder dochter

Ken je deze nog? Wat ik zeg en wat zij hoort…

Ik heb haar nog steeds. Het meisje dat volledig haar eigen gangetje gaat, haar eigen plan trekt. En het is nog steeds zo dat als ik iets zeg, zij iets totaal anders hoort. Echt waar. Het is nog steeds onverklaarbaar.

Naast dat ze iets compleet anders hoort dan dat ik zeg, ziet ze ook hele andere dingen dan dat ik zie.

Ik zie namelijk een rommelige slaapkamer vol met papier, en ander speelgoedzooi, een verpeste muur met tekeningen van stift en een vloer waar niet over gelopen kan worden zonder een blokje lego in je voet te nagelen.

Zij ziet een gezellig kamertje waar ze uren in kan spelen, want er ligt genoeg en waar ze haar creativiteit kwijt kan op de muur. Ze ziet een paadje tussen al haar geliefde speelgoed, waar ze overheen kan om in haar bed te kunnen komen.

Ik zie een moeder die wanhopig ‘nee’ aan het schudden is.

Zij ziet een moeder die het een uitstekend idee vindt.

Ik zie een huishouden dat ontploft is. Een berg was waar een week voor nodig is. En een toilet wat geen 5 minuten schoon kan blijven.

Zij ziet een huis waar ze woont en waar ze zich thuis voelt. Een berg was waar ze haar lievelingsjurkje tussenuit kan plukken en een toiletpot die met je knuffelen kan… Waarom??

Ik zie een bord macaroni met kaas en komkommer. Niet echt iets om trots op te zijn.

Zij ziet haar lievelingseten.

Ik zie een gat in haar legging en een verwassen jurkje.

Zij ziet haar lievelingsjurk met comfortabele legging.

Ik zie een bank die ooit bakken met geld heeft gekost en waar nu de penstrepen op staan en gaten in vallen.

Zij ziet een bank waar ze op kan zitten. En soms op kan springen. En soms op geknoeid kan worden.

Ik zie een hond die elke dag een portie terreur moet incasseren.

Zij ziet het perfecte speelmaatje waarmee ze knuffelen kan en eindelijk iemand om de baas over te spelen.

Ik zie een moeder in de spiegel met wallen tot op haar knieën en met haar haar in een staart. Of knot. Elke dag.

Zij ziet haar moeder.

Ik zie een moeder die het soms behoorlijk verprutst.

Zij ziet haar moeder die van haar houdt.

Hoop ik.

 

Afbeelding: Shutterstock

Dit gaan we niet meer zeggen

Het opvoeden van kleintjes heeft zo zijn pieken en dalen. Er zijn van die dagen dat het allemaal lekker loopt, dan zitten we in een positieve flow. Maar zo nu en dan kan het opvoeden ook een hels karwei zijn. Dat zijn de dagen dat ik volledig de plank missla. Dan heb ik van die gefrustreerde momenten en dan komen er allerlei gekke uitspraken uit mijn mond geslingerd. Zomaar in het wilde weg, bijvoorbeeld KUT, waar de kleintjes mij dan weer heel correct corrigeren ‘dat mag je niet zeggen mama’. Maar soms vliegt er ook een totaal onredelijke uitspraak naar de koppies van mijn kleintjes. ‘Ben je nou helemaal gek geworden?’,  als voorbeeld. Nee natuurlijk zijn ze niet helemaal gek geworden, ook al zou je dat soms wel echt denken 

En dan zijn er nog de gedachteloze uitspraken, waar ik eigenlijk nooit zo bewust van was. Maar eenmaal onder de loep gelegd, lijken ze compleet kansloos te zijn.

Je hoeft niet bang te zijn

Dat is er zo één. En dat vind ik ook werkelijk, mijn kleintjes hoeven niet bang te zijn. Maar ja, een kleintje ligt in zijn bedje met al z’n fantasierijke gedachtes en plots wordt hij bang, want er komt een draak uit zijn kast. Begint te roepen ‘ik ben baaaaang!’ Ik denk jeetje jongen, ik zit net lekker op de bank met mijn wijntje en Netflix en ik blêr naar boven, ‘je hoeft nergens bang voor te zijn!’
Nee, wat mij betreft hoeft hij inderdaad niet bang te zijn. Maar het feit dat ‘ie dat wel is, daar veranderen deze woorden niets aan. Bespreken waar hij bang voor is, zou natuurlijk véél beter zijn.

Omdat ik het zeg

Het is ongetwijfeld een ongelofelijke dooddoener. Geen enkele volwassene zou hier genoegen mee nemen en toch zeggen we het vrijwel allemaal tegen onze kleintjes. Zou jij iets uitvoeren omdat ‘iemand dat zegt’? Nee, je verwacht op z’n minst een uitleg.

Geef even het goede voorbeeld (tegen de oudste)

Whaha, misschien moet ik eerst maar eens bij mezelf beginnen met het goede voorbeeld te geven… Nee, ik had me voorgenomen om dit nooit te zeggen tegen mijn oudste.
Helaas is dat niet gelukt…

Daar hoef je niet om te huilen

En hoe ernstig ik ook vind dat ze daar inderdaad niet om hoeft te huilen. Blijkbaar denkt zij daar anders over. Ach en wat is er eigenlijk ook mis met een potje ongegeneerd janken?

Laat mij dat maar doen

Dit heeft in mijn geval alles te maken met ongeduld. Als ik het doe dan gaat het simpelweg gewoon sneller. Maar ja, dan leren ze het ook nooit he?

Het zijn allemaal kleine zinnetjes die zo makkelijk gezegd worden, maar eigenlijk nietszeggend zijn.

Monsterlijke peuters… van een ander

We zitten weer lekker in het ritme. Kleintjes naar school, peuter haar rust weer terug, de hond kan weer normaal rondlopen zonder dat er elke meter aan haar poot getrokken wordt, voor een dikke (voor haar onplezierige) goedbedoelde knuffel weliswaar, maar toch denk ik dat ze dat niet héél erg mist en ik kan mezelf zo nu en dan weer eens horen denken.

Ook de, bij mijn peuter, nogal populaire knutselclub is weer van start gegaan. Voor wie denkt ‘oh my god, een knutselclub, serieus?’, ja die gedachte klopt wel een beetje. Een hok vol met iets te hard pratende, over elkaar heen vallende, maar oh zo lieve peutertjes, met als één doel: knutselen oftewel wat door kinderhandjes gesmeten glitter- en verf opvangen op een blaadje. En dat vervolgens een vogel noemen. Of een zon.

Anyway. Peuters dus. Onderdeel van mijn ‘guilty pleasure’.

Want iedereen heeft dat, een guilty pleasure. Voor de één is het het foute uur op de radio. Voor de ander is het een enorm stuk cheesecake tijdens een quinoa dieet. Voor mij? Voor mij is dat het kijken naar andermans peuter die zichzelf even volledig verliest in zijn eigen krankzinnigheid. En er is geen betere plek om dat te doen op de knutselclub.

Nu kun je twee dingen denken.
1. Wat een rotmens! Maar stiekem heeft ze wel een beetje gelijk.
2. Inderdaad! Hoe fijn is het dat als je aan winkelen bent en je een krijsende peuter hoort, je niet hoeft in te grijpen. Wat een ongepast en onaardig gevoel, maar wat een vreugde komt er direct als een wervelstorm overheen. Je hoeft er niks mee! Alleen toekijken en eventueel wat troostende blikken toewerpen. Verder nada, niks, helemaal niets!

En zo gebeuren dat soort taferelen ook regelmatig bij de glansrijke knutselclub. Peuters van een ander met doodnormale, of soms een tikkie overdreven, peutertrekjes. En als die trekjes dan uit de hand lopen, geeft het je gewoon een lekker goed moedergevoel, want het gebeurd ook bij een ander. Ook al heeft je eigen krijskuiken nog geen 5 minuten eerder een soort gelijke instorting gehad, welke je met omkoping hebt weten te sussen.

Ja die guilty pleasure van mij. Ik zou er bijna notities van maken. Want wat kunnen sommige moeders, ondanks de hoge decibellen, toch creatief nadenken om hun kleintje te temmen. Daar kan ik wat van leren. Maar het allermooiste aan mijn guilty pleasure is dat je weer bewust wordt dat je niet de enige moeder bent met een lief klein mensje dat zich binnen no-time kan ontpoppen tot een monsterlijk wezen.

Second opinion, deel 2

Ze zeggen weleens dat het zwaarste van het ouderschap is, om je kind te zien lijden. Dat is absoluut waar, je wilt het lijden wegnemen, desnoods overnemen, maar ondertussen weet je dat het harde feit is dat je er helemaal niets aan kunt doen, behalve toekijken en troosten.

Maar wat als je je kind heen en weer ziet slingeren in emoties en je weet dat je er wel wat aan kunt doen? Je kunt iets wegnemen, maar daar staat wel iets tegenover.

Het verhaal begon hier, toen we besloten te gaan voor een second opinion.

Trots was ik. Trots omdat ik mijn dochter zag zoals ze zou moeten zijn. Medicijnloos. Overal kwamen reacties vandaan. ‘Wat is ze opener en spontaner’. En ook de schoolprestaties schoten weer omhoog. Tijdens een uitgebreid onderzoek met een 24 uurs EEG scan kon ik ook niet trotser zijn. Ze onderging het met een lach, ze leek er zelfs een beetje lol in te hebben. Ze wilde samen spelletjes spelen. Ze gaf antwoord op de vragen van de dokter. Ze wilde samen gezellig kletsen. Ze had een open blik en positieve kijk op het leven. Het klinkt misschien gek, maar zo kende ik mijn dochter niet.

Ondanks dat ik ontzettend blij was om mijn kleintje medicijnvrij te zien, bleven de absences aanhouden en er kwamen zelfs weer een aantal ‘grote’ epileptische aanvallen voorbij. Ik nam ze voor lief en besloot om te gaan genieten van een fijne zomervakantie. De uitslag van het onderzoek zou immers na de vakantie plaatsvinden, meer konden we toch niet doen.

Maar toen werd ik een week voor de vakantie gebeld door de arts die zijn zorgen uitsprak en vond dat het noodzakelijk was om te gaan starten met een medicijn. Mijn eerste reactie was, ‘Hoezo is het zo ontzettend noodzakelijk? Het is immers niet levensbedreigend, toch?’ Een reactie die wel te maken zal hebben met eerdere ervaringen… En daarbij, ik genoot nu zo van mijn meisje zoals ze was. De arts merkte mijn terughoudendheid, maar wilde toch graag voor de vakantie nog afspreken en starten met medicijnen.

Tja en als de echte specialist zoiets aanbeveelt, ga je er uiteindelijk toch maar weer in mee. Weer starten met medicijnen dus. En ja, de medicijnen lijken aan te slaan. Vrijwel geen absences meer en ‘grote’ aanvallen blijven misschien ook wel weg. Wat fijn! Wat een vooruitgang.

Maar ondertussen doet het pijn in mijn hart. Ik zie mijn kleintje namelijk regelmatig vechten met zichzelf. Ik zie haar veranderen onder mijn neus. Is het gewoon de leeftijd? Gaat ieder kind door zo een fase? Of zijn het toch de medicijnen?

Ook ik voer een innerlijke strijd. Ik kan het misschien wegnemen, maar daar staat dan wel iets tegenover…

Soepele ochtenden

Wij in het noorden hebben er alweer een paar ochtenden op zitten. En zoals jullie misschien wel weten, ik ben geen ochtendmens. Nog even en dan moeten ook Midden- en Zuid-Nederland er weer aan geloven. De scholen gaan weer beginnen en in vele gevallen gaan ook de ochtenden weer beginnen.

Hoog tijd om eens wat eenvoudige tips te geven om die ochtenden wat soepeler te laten verlopen…

Gebruik ochtendroutine kaarten, zoals deze die je gratis kunt uitprinten. Je kunt ze natuurlijk ook heel simpel zelf maken. De kaarten zullen je kleintje er aan helpen herinneren wat hij of zij allemaal moet uitvoeren en het scheelt jou weer alles 10 keer te herhalen. “Trek je kleren aan, poets je tanden, trek je schoenen aan, trek je schoenen aan, trek je schoenen aan, trek je schoenen aan”, behoort tot de verleden tijd…

– Discussies over kleding in de ochtend? Ben je vergeten om de avond van te voren de kleding klaar te leggen? Ga op zondagavond samen met je kleintje voor de kast staan en laat je voor één keer los in een vurige discussie, maar kies dan wel 5 setjes voor de komende week uit. Gebruik organizers zoals deze of deze en de rest van de week hoef je niet meer over de kleding na te denken.

– Dit is een lastige, althans voor mij. Zet de ontbijtspullen de avond van te voren klaar. Lastig omdat ik er regelmatig al niet eens in slaag om de zooi van het avondeten van het aanrecht af te krijgen. Maar mijn hemel, wat een tijd scheelt het als je beneden komt en alles staat er netjes bij en klaar om aan te schuiven…

– En dat brengt me bij het volgende: Geef je kleintjes een gezond maar wel snel ontbijt. Een paar tips vind je hier. En nu nog zorgen dat die kleintjes een beetje dooreten… Sorry daar heb ik geen tips voor. 

– Als laatste, iets waar bij ons thuis heel veel tijd aan verspild wordt: wéér omkleden omdat er altijd wel iemand binnen een half uur weer vies is. Oplossing: draag allemaal een ochtendjas, schort of wat dan ook over je kleding. Vergeet dit alleen niet uit te trekken op het moment dat je het huis verlaat.